B1 webteksten schrijven, is actief schrijven voor een breed publiek. B1 webteksten schrijven doe je met het oog op publiek met een verschillend opleidingsniveau. Webteksten op B1-niveau zijn concreet, actief geschreven.


b1-webteksten-schrijven-gemeente-utrecht

Introductie B1-teksten schrijven

B1 schrijven betekent gewone taal

Laatst heb ik een open training gedaan bij LVE, oftewel bij Loo van Eck, in Ede. Loo van Eck doet al jaren aan taal- en communicatietrainingen. Lees mijn aantekeningen over schrijven op B1 taalniveau. Voor je begrip is het handig als je weet dat er ook andere taalniveau’s zijn: A1, A2, B2, C1, C2. B1 kun je zien als mbo-niveau waarbij je concreet en actief dingen beschrijft. Doel van b1 taalniveau is dat veel mensen je boodschap begrijpen.

Heldere B1-webteksten schrijven, niet alleen voor overheid…

De reden dat ik er nu over schrijf, is omdat een overheidwebsite (vaker een toptaken website) vaak nieuwe content vereist en dat je die meteen op B1-taalniveau kunt maken via de tips in dit bericht. Onthoud dat mensen van alle opleidingsniveau’s het prettig vinden om teksten in eenvoudige taal te lezen, waarbij tussenkoppen de structuur helder maken en waarbij omslachtig taalgebruik en metaforen zoveel mogelijk vermeden worden. Wanneer je een B1-schrijfcursus zou doen, dan leer je vooral dit: Schrijf actief. Houd het kort. Wees helder.

Waarom B1-webteksten maken? Wat levert dat op?

Uit onderzoek blijkt dat (eenvoudige) B1-teksten de volgende voordelen opleveren:
Bron: The Internetacademie

  • Veel mensen begrijpen een vereenvoudigde tekst beter.
  • Je doelgroep leest een vereenvoudigde tekst sneller.
  • Je lezers waarderen een vereenvoudigde tekst hoger.
  • Zowel laaggeletterden én hooggeletterden profiteren van eenvoudige en heldere taal!

B1-webteksten schrijven: de eye-openers

  • B1-niveau slaat niet op intelligentie, maar op iemand’s taalvaardigheid (verschilt per persoon)
  • ook hoogopgeleiden lezen toch eerder een B1-webtekst, ook bij lage interesse
  • de lezer moet bijna alle woorden snappen (90%), wil iemand een tekst gaan lezen
  • als het abstract wordt, is het sowieso B2 of C2 taalniveau = maximaal 40% publiek.




Schrijftechniek tips voor B1-webteksten schrijven

B1-webteksten schrijven gaat in een aantal achtereenvolgende fases, die ik na deze opsomming kort bespreek:

  1. vooranalyse B1-tekst
  2. tekstopbouw B1-webtekst
  3. alineaopbouw B1-boodschap
  4. zinsbouw B1-zinnen
  5. tekstcheck na schrijven van de B1-tekst

Ad 1. Vooranalyse bij B1 webtekst maken: start met lezersvragen…(FAQ)

Stel vragen vanuit de lezer, liefst echt de veelgestelde vragen (FAQ). Beantwoord elke vraag via een alinea concept-tekst. Stel jezelf basale vragen zoals:

  • wat is het doel (informeren, overtuigen, instrueren of activeren?)
  • waarom moet ik deze B1 webtekst lezen?
  • waar gaat het over?
  • wat moet ik doen (moet ik iets doen?)
  • wat is het antwoord en waarom?
  • moet ik nog iets weten en waarom?
  • is er iets wat jij me nog wilt vertellen? (en waarom?)
  • en nu? Hoe verder? Wie is bereikbaar?

Ad 2. Tekstopbouw B1 webtekst (voor gehele tekst of toptaak pagina)

  • Je tekst start met kernboodschap in één zin. Waarom een kernzin? Omdat je in ieder geval wilt dat de lezer die zin onthoudt. Zo start je eigenlijk omgekeerd als bij een schrijfproces waarbij je pas tegen het einde van je tekst weet wat je echt wilt zeggen. De kernzin zit dan ergens in de conclusie. Niet doen dus, zet de kernzin helemaal bovenaan. De eerste zin. Dat is de visie van Loo van Eck. Je boodschap moet immers opvallen tussen vele anderen. Bovendien hebben mensen soms erg weinig interesse… En scannen ze je b1 webtekst maar heel kort. Vandaar het beginsel om de centrale boodschap meteen op te dienen. Hetzelfde geldt voor de alinea-kopjes: steeds drie woorden, drie hapklare woorden. Let erop dat je actief schrijft!
  • B1-taal lijkt op spreektaal (!), maar dan wel verzorgde spreektaal. Dus concreet blijven en geen moeilijke woorden gebruiken (geen abstracties, metaforen, jargon, ambtelijke vormen of spreekwoorden.) Ook je smaakgevoel moet je achterwege laten. Verzin geen mooie woorden en laat je ego erbuiten. Accepteer dezelfde zinsbouw en herhaling van hetzelfde woord. Ook al komt je b1 webtekst dan wat simpel over.
  • Stelregel bij b1 webtekst schrijven: elke alinea beantwoordt steeds een vraag (ze de antwoorden dus eerst naar volgorde van belangrijkheid op rij, zoals ook bij een persbericht)

Ad 3. Alinea opbouw bij b1-webtekst maken

  • het kopje boven de alinea vertelt de inhoud van de alinea in 3 woorden.
  • een vraag roept meer interesse op. Bijv. Hoe krijgt u een paspoort?
    alinea begint eventueel met structurerende basisuitspraak. Bijv. “U kunt een paspoort kopen op twee manieren.” (Je kondigt aan dat je twee dingen gaat uitleggen).
  • algemene regel: 1 boodschap per zin. En geen bijzinnen dus!
  • na elke boodschap (stellende zin), het argument geven in de zin erna (Alsof de lezer zegt, Aha! Hoezo?)
  • na het argument een nieuwe zin voor extra uitleg
  • onderbouwing en/of bronnen in laatste zinnen (waarom?)
  • als je mensen laat linken, geef de link pas na de boodschap/de alinea
  • linken naar bron? Kan, maar vaak te moeilijk. Wetten en regels zijn beschreven op C1 en C2 taalniveau, dus is meer hbo of academisch.




Ad 4. Zinsopbouw bij B1-taalniveau

  • bij B1 taalniveau bevat een zin altijd een onderwerp, zoals U en Wij
  • actieve werkwoordsvormen (GEEN kunnen,willen,zullen,worden)
  • geen’tangconstructies’ en ook geen ‘samengestelde woorden’. (Dit is geen B1, maar vaktaal, dus moet ik je uitleggen. Een tangconstructie zet werkwoorden erg ver uit elkaar, wat lezen lastig maakt. Bijv. U moet persoon x, y en z van het station ophalen. Samengestelde woorden is zoiets als: geboortedatum. (Beter is: Wanneer bent u geboren?))
  • zinnen hebben 1 boodschap: 6 – 12 – 15 woorden per zin
  • geen metaforen of beeldspraken; mensen met slecht taalbegrip (of doelgroepen met ‘Nederlands als tweede taal’) kunnen dit letterlijk opvatten: “Werk waar je je ei in kwijt kunt!”.

Ad 5. Doe een B1-taalcheck na schrijven

Check na schrijven je B1 webtekst, natuurlijk het liefst ook met iemand uit de doelgroep zelf…

  • wat moet die ander weten? (kernboodschap bovenaan: in één zin)
  • wat wil die ander weten? (inhoud en daarna het argument(en))
  • wat wil ik nog meegeven? (wat is echt nodig?)

Sommige woorden zijn misschien te moeilijk. Of dit zo is, kun je checken via de website: Is het B1? (http://www.ishetb1.nl). Meer tips voor begrijpelijk schrijven kun je vinden bij Klinkende taal (http://www.klinkendetaal.nl).



Video: gemeente Utrecht wil eenvoudige brieven maken

Kun je nu een brief eenvoudig schrijven? Goed zo. Check altijd de spelling en verwijder ook dubbele spaties via Word.

Ben je ambtenaar?

Ben je ambtenaar (bij de gemeente Utrecht)? Deel dan zeker dit artikel onder al je collega’s, want het treurige is: Hoe meer je van je beleid afweet, hoe slechter B1-schrijven je vergaat! Doe dus je voordeel met al deze tips voor B1-webteksten schrijven. Deel nu deze link:
https://www.gerbengvandijk.nl/b1-webteksten-schrijven/

Succes!

Gerben G van Dijk

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *